...

Olie: Iran, Irak, Koeweit en het Oliezand uit Canada

24 november 2007, 11:12 | US Markets Redactie | leestijd: 8 minuten | moeilijkheid: 9 / 12 | (0)

Van­daag gaan we kijken achter de coulis­sen van andere belan­grijke oliepro­duc­erende lan­den in het Mid­den-Oost­en (Iran, Irak, Koeweit, de VAE en mak­en we een over­steek naar Cana­da, waar mil­jar­den vat­en olie uit olie- of teerzand liggen te wacht­en op ont­gin­ning.

Olie: achter de coulis­sen (2)

Deze week, meer pre­cies op woens­dag 21 novem­ber, ging de oliepri­js in de loop van de dag boven 99 dol­lar per vat om dan net iets lager te sluiten. Gis­teren vri­jdag 23 novem­ber werd wat gas teruggenomen tot een slot­stand van 98,18 dol­lar. Is dit een aan­loop­je? De grens van 100 dol­lar bli­jft wenken en we bli­jven erbij, dat we vóór Nieuw­jaar boven 100$ zullen noteren. 




Zoals op deze plaats al ver­schil­lende malen gezegd, wordt de oliepri­js ges­tu­urd door diverse fac­toren, meestal van geopoli­tieke aard. In ons artikel Olie: achter de coulis­sen (1)
hebben we de wereld­voor­raden van ruwe olie uit de doeken gedaan en u erop gewezen dat we een onder­scheid moeten mak­en tussen con­ven­tionele’ (lees: met klassieke mid­de­len te ont­gin­nen) olie en niet-con­ven­tionele olie. Van deze laat­ste zijn er drie soorten: het oliezand, schalieolie en zware olie.
De voor­naam­ste pro­du­cen­ten van con­ven­tionele olie vin­den we in het Mid­den Oost­en Saoe­di-Ara­bië op kop. Over dit land en zijn prob­le­men omtrent olie had­den we in boven­ver­meld artikel. 
Hieron­der ziet u nog­maals de tabel terzake:



In dit artikel bli­jven we nog even in de Mid­den-Oost­ens­feer en zullen we het hebben over Iran Irak en Koeweit + de Verenigde Ara­bis­che Emi­rat­en. Daar­na komt Cana­da, poten­tieel de tweede belan­grijk­ste olielever­anci­er ter wereld.

Iran

Met zijn voor­raad van 132 mil­jard vat­en ruwe olie (data 2006) bez­it Iran na Saoe­di-Ara­bië de groot­ste reserve, nl. 12% van het wereld­to­taal, van de con­ven­tionele olie.
Mohammed Reza Pahlavi (19191980) was van 1941 tot 1979 de sjah van Perzië/​Iran. Onder zijn bewind was de pro­duc­tie 6 mil­jard vat­en per jaar. Van­daag is die pro­duc­tie teruggevallen tot 1,5 mil­jard vat­en per jaar. Een een­voudi­ge del­ing leert ons dat aan dit tem­po Iran nog the­o­retisch voor 88 jaar voort kan met zijn olie. The­o­retisch, want zoals we in ons vorig artikel al aan­haalden wordt de exploitatie van olie veel moeil­ijk­er wan­neer de bodem van de put­ten in zicht komt. 

De toch wel beduidende ver­min­der­ing van 6 naar 1,5 mil­jard vat­en is toe te schri­jven aan de poli­tiek. De VS hebben nl. lim­i­eten gesteld op de olie-export uit Iran. Deze lim­i­eten hebben alles te mak­en met de vrees die de VS maar ook de andere West­erse lan­den hebben voor het nucle­aire pro­gram­ma van Iran. 

Moest het tot een mil­i­taire con­frontatie komen, dan draait Iran zijn oliekraan dicht (zek­er richt­ing West­en) en dan zal de oliepri­js nog maar eens noord­waarts gaan. Alleen een diplo­matieke oploss­ing van het vraagstuk rond Iran kan soe­laas bren­gen in de vorm van meer olie-import richt­ing West­en, waar­door de opwaartse druk op de pri­js zal afnemen. 


Irak

Met 115 mil­jard vat­en ruwe olie in zijn bodem (sit­u­atie 2006) is het woelige Irak num­mer drie van de wereld. Nochtans is op het gebied van pro­duc­tie Irak onder­maats, hoewel het ont­gin­nen van de olie er relatief gemakke­lijk is: een laag viskeus prod­uct, waar­van het oppom­pen meevalt.

Waarom het met de Iraakse olie-export zo slecht gesteld is? Dit zijn de vier dwarslig­gers: cor­rup­tie, ter­ror­isme, van­dal­isme en wanbeleid. 

Om u een idee te geven: voor dit jaar was de doel­stelling 2,5 miljoen vat­en per dag, ter­wi­jl de 2 miljoen vat­en nooit wer­den gehaald. Voor vol­gend jaar stelt de Iraakse regering (met de VS in de coulis­sen als souf­fleur) 3 à 4 miljoen vat­en voorop. 

We zullen zien. Want zolang de poli­tieke prob­le­men niet zijn opgelost, zien we geen ver­be­ter­ing in de pro­duc­tieca­paciteit van het Tweestromenland. 

Koeweit + Verenigde Ara­bis­che Emiraten

Als we de reserves van Koeweit en de Verenigde Ara­bis­che Emi­rat­en (VAE) optellen, komen we (voort­gaande op de laag­ste cijfers, die van World Oil Mag­a­zine) tot 101 + 70 = 181 mil­jard vat­en con­ven­tionele olie, ofwel 15% van de wereld (data 2006). Zow­el Koeweit als de VAE pro­duc­eren 0,8 mil­jard vat­en per jaar, waar­door ze the­o­retisch verder kun­nen voor resp. 126 en 88 jaar. 

Nu is het zeer de vraag of deze lan­den het werke­lijk nog zo lang zullen uitzin­gen. Lat­en we een twee­t­al feit­en bek­ijken. Ten eerste moeten we weten, dat het gros van Koeweits oliere­serve zich bevin­dt in het Bur­gan­veld, het tweede groot­ste ter wereld na het Saoe­di-Ara­bis­che Ghawarveld. De exploitatie van Bur­gan begon in 1938 en het ziet ernaar uit, dat de piekpro­duc­tie niet meer ver­af is, als de piek al niet is over­schre­den. En het ont­gin­nen van olie wordt expo­nen­tieel lastiger als de piek is gepasseerd. Ten tweede is er de onzek­er­heid over de waarde van de gegevens over de reserves. Uit infor­matielekken blijkt, dat het goed mogelijk is dat bij voor­beeld in Koeweit de echte reserves ongeveer de helft zijn. 

Canada

Als het op con­ven­tionele olie aankomt, ben­gelt Cana­da achter­aan de staart van de top-20. Maar Cana­da bez­it vele mil­jar­den vat­en ruwe olie in de vorm van oliezand.

Even dit ter illus­tratie van de rel­a­tiviteit van de data als het op oliere­serves aankomt. Toen we ons artikel over oliezand pub­liceer­den in jan­u­ari 2006, maak­ten offi­ciële bron­nen gewag van 265,5 mil­jard vat­en olie, voor­ra­dig als oliezand. Meer recente gegevens van even offi­ciële bron­nen hebben het nu over 167 mil­jard vat­en, dat is zo maar even­t­jes 37% minder.

Dit terz­i­jde. Olie win­nen uit oliezand is moeil­ijk­er dan het lijkt, lees er geciteerd artikel maar op na. Want het gaat om een heel zware, bitu­mineuze vorm van aar­dolie, die ten koste van heel veel heet water en machi­nale bew­erkin­gen te ver­w­erken is tot echte’ ruwe olie, geschikt voor de pro­duc­tie van ben­zine en andere grondstoffen. 



Cana­da ziet zijn pro­duc­tie con­ven­tionele olie de komende jaren afne­men van 1,5 miljoen vat­en in 2006 naar min­der dan 1 miljoen vat­en per dag in 2020. Tegelijk­er­ti­jd neemt oliezand het voor­touw, wat de totale oliepro­duc­tie zal opkrikken van 2,5 miljoen in 2006 naar 4,9 miljoen in 2020, nage­noeg een verdubbeling. 

In 2006 pro­duceerde Cana­da 1,2 mil­jard vat­en olie. Wan­neer dit tem­po aange­houden wordt, vol­staat de reserve the­o­retisch voor 149 jaar. Weer drukken we op het the­o­retis­che aspect van deze data, want ook hier en zek­er wat oliezand betre­ft wordt de ont­gin­ning er gaan­deweg niet een­voudi­ger op. 

Voor olie uit Cana­da de provin­cie Alber­ta een hoof­drol. Hier zit 75% van de con­ven­tionele olie in de grond, naast 95% van het oliezand. Bij­na alle (99%) Canadese olie wordt geëx­por­teerd naar de VS. Hier­door is Cana­da de voor­naam­ste olielever­anci­er van de VS en niet het Mid­den-Oost­en, zoals dik­wi­jls wordt beweerd. Trouwens, als de cijfers van de olievoor­raden in de vorm van oliezand klop­pen, dan komt Cana­da op de tweede plaats als groot­ste olielever­anci­er ter wereld. 

We staan nog even stil bij oliezand. Deze grond­stof is eigen­lijk al eeuwen gek­end en werd meestal teerzand genoemd. In de mean­ders van vooral Canadese riv­ieren vond men aanslib­bin­gen van teerzand, een zwarte naar aar­dolie ruik­ende mas­sa. Olie afschei­den uit teerzand leek onbe­gonnen werk en zek­er economisch niet haal­baar. Maar de immer toen­e­mende vraag naar olie en de heden­daagse tech­nolo­gie mak­en het mogelijk, het zand te schei­den van de olie. Beter gezegd: het zand te schei­den van het bitu­men. Want teer- of oliezand bevat geen aar­dolie in de vorm die we ken­nen, maar wel als een zware, klev­erige brij. Er zijn vele bew­erkin­gen nodig, tot en met het toevoe­gen van sol­ven­ten, om deze soort olie door een pij­pli­jn te kun­nen pompen. 

Des­on­danks al deze tech­nis­che beperkin­gen kan men olie uit oliezand win­nen aan 
ca 40 USD per vat. Met oliepri­jzen boven 80 USD en wellicht bin­nenko­rt boven 100 USD is de exploitatie van oliezand rend­abel. Tot spi­jt van wie het beni­jdt en ten nadele van het milieu. Want hierover is het laat­ste woord nog niet gezegd.

In een vol­gend artikel bli­jven we op Amerikaanse bodem en gaan we het hebben over de oliewin­ning in Mex­i­co en de VS, waar­bij we een andere soort oncon­ven­tionele olie zullen belichten.

Jan Van Besauw 
Pub­li­cist voor US Markets

Onder­getek­ende is een gepen­sioneerde mar­ket­ing man­ag­er. Hij schri­jft voor US Mar­kets o.m. columns, nieuws­bericht­en en artikels over uiteen­lopende onderwerpen.


Reageren

Anonieme comments achterlaten is niet toegestaan. Hiervoor moet u ingelogd zijn. Login »
Turbo’s zijn complexe instrumenten en brengen vanwege het hefboomeffect een hoog risico mee van snel oplopende verliezen. 7 op de 10 retailbeleggers verliest geld met de handel in turbo’s. Het is belangrijk dat u goed begrijpt hoe turbo’s werken en dat u nagaat of u zich het hoge risico op verlies kunt permitteren.